inleiding
|
Inleiding
|
|||||||||||||
afstamming
|
Inleiding
|
De
grootvader van Alexandre ![]() geboortehuis van Thomas Alexandre op de plantage te San Domingo
![]() Thomas Alexandre Dumas |
||||||||||||
| Eenmaal
tot luitenant-kolonel opgeklommen treedt Thomas Alexandre Dumas in het huwelijk met Marie Louise Labouret.
Marie Louise Labouret
|
||||||||||||||
|
|
|||||||||||||
|
In de
loop van de Franse Revolutie ![]() generaal Thomas Alexandre Dumas Hij
leeft in onmin met de
|
![]() geboortehuis van Alexandre Dumas |
||||||||||||
jeugd |
||||||||||||||
|
Vier jaar later sterft de |
Inleiding
|
||||||||||||
Alexandre Dumas groeit |
||||||||||||||
![]() Handschrift van Dumas |
||||||||||||||
|
||||||||||||||
|
||||||||||||||
|
Inleiding
|
|||||||||||||
het
|
||||||||||||||
| In 1823 verhuist hij naar Parijs en vindt een betrekking als schrijver op het secretariaat van Louis-Philippe , hertog van Orléans. Zijn dagelijkse arbeidstaken verricht hij in hoog tempo, de rest van de dag besteedt hij aan toneelschrijven, het lezen van Walter Scott en Byron, of vertoeft achter de coulissen van de Comédie Français. In
1823 schenkt zijn eerste maîtresse |
||||||||||||||
|
![]() Catherine Labay |
![]() Alexandre Dumas père 27 jaar |
![]() Alexandre Dumas Fils |
|||||||||||
Na een gestrande poging met Christine, een toneelstuk over de Zweedse koningin in ballingschap, lukt het hem in 1827 eindelijk op het grote toneel te debuteren. De Comédie Français, die zich tot dan toe alleen bezig hield met de uitvoering van klassieke drama's, brengt zijn stuk 'Henri III' op de planken. Het stuk brengt op beeldende wijze een historisch thema voor het voetlicht: moord- en doodslag aan het hof van Henri III. Een werk dat qua vorm radicaal breekt met de toneeltraditie en in Frankrijk het begin inluidt van een nieuwe beweging, het realistisch-toneel. |
||||||||||||||
| De
duitse dichter Johann Wolfgang von Goethe woont in 1831 een voorstelling bij van Henri III en merkt op: 'het stuk is voortreffelijk, maar onder mijn directie had ik het niet gewaagd het op te voeren'. |
||||||||||||||
| In
deze tijd ontmoet Dumas de actrice Belle Kreilssamner. Zij verzoekt hem om een engagement in een van zijn theaterstukken, maar verkrijgt slechts een verhouding. Uit de kortstondige relatie wordt een dochter geboren, Marie Alexandre Dumas (1831-1880) |
||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||
Vader en dochter
in 1864
Marie
Alexandre ![]() De Boeteling van Alexandre Dumas Fille |
||||||||||||||
Met het succes van 'Henri
III' is de Na
Henri III volgt een stroom van |
||||||||||||||
Een jaar later verschijnt La Tour de Nesle, dat hij samen met Gailardet schrijft. Het stuk, dat twee jaar lang op de bühne staat, speelt in de Middeleeuwen en verhaald van verschrikkelijke misdaden en een dramatische ontknoping aan het Franse hof van Lodewijk X. Het in 1836 verschenen drama Kean beschrijft de lotgevallen van een tragische acteur. Dit werk wordt in 1990 opnieuw tot leven gewekt in een bewerking van Jean-Paul Sartre. Voor het overige zijn de honderden toneelstukken van Dumas in de vergetelheid geraakt. In zijn proza leeft hij echter voort. |
||||||||||||||||
het
|
In de loop van de jaren dertig begint |
Inleiding
|
||||||||||||||
| Heinrich Heine zou later in een brief aan Dumas schrijven: 'Sinds zes jaren ben ik bedlegerig. Op het hoogtepunt van mijn ziekte, wanneer ik de grootste kwellingen ondervond, las mijn vrouw voor uit uw romans. Dat was het enige dat mij de pijn kon doen vergeten'. Heine beschouwde Dumas na Cervantes en Sheherezade als de meest onderhoudende verteller aller tijden. Maar ook voor de meer serieuze geschiedschrijving bezit Dumas talent, ook al neemt hij het met de feiten niet altijd even nauw. Zijn parool luidde: 'Het is toegestaan dat men de geschiedenis verkracht, als zij maar een kind baart'. Niettemin is de legendarische historicus Augustin Thierry vol lof over Gaule et France, een geschiedkundig werk uit 1833. Een andere geschiedenisautoriteit, Michelot, roept uit: 'Dumas, ik heb u lief en bewonder u, ik rangschik u onder de natuurkrachten'. Tot 1840 schrijft Dumas zijn romans alleen. De belangrijkste werken tot die tijd zijn Acte, Le Capitaine Paul, Aventures de John Davys, Le Capitaine Pamphile, Maitre Adam en Othon l'Archer. |
||||||||||||||||
In 1840 vinden twee belangrijke gebeurtenissen plaats, hij treedt in het huwelijk met de actrice Ida Ferrier en hij besluit tot een artistieke verbintenis met Auguste Maquet, een jonge geschiedenisleraar met literaire aspiraties. |
![]() |
|||||||||||||||
|
Ida Ferrier |
|||||||||||||||
| Maquet doet het historische researchwerk, ontwerpt ruwe schetsen of levert zelfs complete manuscripten aan. Dumas tovert het monnikenwerk om tot onsterfelijke boeken als Les Trois Mousquetaires (1844) Le Comte de Monte Cristo (1844-1845) en de trilogie: La Reine Margot (1845) La Dame Moncoreau (1846) Les quarante cinq (1848) Er breekt een periode aan die de meest productieve en succesvolle episode van zijn carrière zal worden. Auguste
Maquet
|
||||||||||||||||
| Het thema van De drie Musketiers ontleent hij aan de in 1704 te Amsterdam verschenen memoires van d'Artagnan, een Frans musketier die bij de slag om Maastricht om het leven komt. Het boek is een avonturenroman tegen de achtergrond van politieke en persoonlijke intriges van Lodewijk XIII, Anna van Oostenrijk, Richelieu, Mazarin en vele anderen. |
||||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||||
|
oorspronkelijke
memoires van D'Atagnan, 1704 De Graaf van Monte
Cristo is |
||||||||||||||||
In 1844, het jaar waarin de relatie ![]() Château Monte Cristo, thans museum
|
||||||||||||||||
ballingschap
|
Inleiding
|
|||||||||||||||
| Hier schrijft de nog maar net vijftigjarige
Dumas zijn omvangrijke Memoires. Het is een werk van bijna 3.200 pagina's in 22 delen, vol beschouwingen en anekdotes. En dan te bedenken dat hierin slechts zijn leven wordt beschreven tot het jaar 1833. In de Brusselse periode verschijnen ook nog zes romans, twee geschiedkundige werken, twee reisboeken en beleven vier toneelstukken hun première. W.F. Hermans, een groot bewonderaar van Dumas, schrijft over deze onvoorstelbare productiviteit: 'Dumas werkte soms 14 uur per dag en hield dat wekenlang vol; hij vulde 20 pagina's per etmaal nooit minder'. ![]() Alexandre Dumas 53 jaar |
||||||||||||||||
|
In 1853 keert Dumas terug naar Parijs. Zijn eerste wapenfeit is het oprichten van een eigen dagblad, 'Le Mousequetair'. Hij verzekert zich van literaire medewerkers als Gérard de Nerval en Octave Feuillet, maar ook zijn voormalige tuinman Michel wordt één van de medewerkers: 'Ik heb de juiste man gevonden' roept Dumas: 'Michel kan niet rekenen, ik zal hem tot kassier benoemen'. Het blad wordt aanvankelijk
een groot |
|
||||||||||||||
![]() Le Mousquetaire, 1855 |
||||||||||||||||
reizen |
Inleiding
|
Na een kort verblijf als toneelproducent in Marseille onderneemt hij reizen naar België en Engeland, Zwitserland en Noord-Afrika. Op zijn vele reizen heeft Dumas ook Nederland aangedaan. In de biografie Alexandere Dumas, his life and works (A.F. Davidson, 1902) staat vermeld dat Dumas van de Nederlandse kroonprins een complimenteuze brief ontving, vergezeld van enige door een Nederlands kunstenaar vervaardigde taferelen uit de Drie Musketiers. In antwoord hierop bezoekt Dumas het inhuldigingsfeest - en naar eigen zeggen - niet als journalist, maar als vriend. In mei 1849 publiceerde Dumas hierover brieven in de Revue de Paris. In deze correspondentie beschrijft hij zijn 'Reis naar Amsterdam' en 'De Krooning van den Koning van Holland'. Het artikel dat de kroning beschrijft verscheen nog in hetzelfde jaar in Nederlandse vertaling onder de titel 'De Inhuldiging van Koning Willem III' (Wijtingh en van der Haart, Amsterdam). In zijn roman 'Les Mille et Une Fantômes' verhaalt Dumas nogmaals over zijn| Nederlandse avonturen. De betreffende passages zijn in Nederland in 1849 gepubliceerd in het periodiek De Tijd onder de titel 'Hoe Alexandre Dumas naar Holland kwam'. Naast de onophoudelijke publicatiestroom van nieuwe romans en toneelstukken die van zijn hand verschijnen, vestigt hij in 1857 te Parijs het literaire tijdschrift Le Monte-Cristo, dat met een onderbreking van anderhalf jaar wekelijks zou verschijnen tot eind 1862. Dumas was niet alleen de uitgever maar ook de enige redacteur. Het blad wordt geheel door hem zelf gevuld. Hij geraakt weer tot grote welstand door een contract over zijn verzameld werk bij de beroemde uitgever Michel Lévy. Daarop reist hij af naar Rusland en onderneemt een grote trektocht naar de Kaukasus (1858-1859). Het reisverslag wordt als feuilleton in Le Monte-Cristo gepubliceerd. De reis wordt een ware triomftocht. Overal waar hij verschijnt worden door de notabelen en het volk welkomstfeesten geven. |
||||||||||||||
| Na zijn trektocht door Rusland besluit Dumas in 1860 Amerika te bezoeken. Hij stelt een uitgelezen bemanning samen voor zijn eigen zeiljacht Emma. Ook zijn toenmalige maîtresse wordt - als jongmaatje vermomd - ingescheept. Tot de grote Odyssee zou het echter nooit komen, hoewel hij pas vier jaar later zou terugkeren naar Parijs. Toen Dumas op weg naar Amerika de haven van Genua aandeed, vernam hij dat Garibaldi - de Italiaanse vrijheidsstrijder - op het punt stond Italië aan de greep van de Bourbons te ontrukken. Daarop besteed Dumas zijn hele vermogen aan de opbouw van het leger van Garibaldi, en smaakt het genoegen als overwinnaar in het paleis van de verdreven Bourbons te trekken. De Bourbons, die vroeger zijn vader hadden gevangen en gefolterd. Naderhand
benoemt |
||||||||||||||||
![]() Dumas (tweede van links) en Garibaldi (eerste van links) na de Slag bij Milazzo |
||||||||||||||||
de
|
|
In 1864 arriveert
hij na |
||||||||||||||
| Maîtresses
komen en gaan, soms meerdere tegelijk. Zijn zoon die een keurig burgermans bestaan leidt, maakt zijn vader daarover verwijten. 'Ik moet wel', protesteert Dumas père, 'als ik er slechts één zou hebben, zou ze binnen een week dood zijn'. Op
vijfenzestig |
![]() Alexandre Dumas en zijn maitresse Adah Menken |
|||||||||||||||
|
Monument voor Alexandre Dumas van Gustave Doré op de Place Malesherbes te Parijs |
||||||||||||||||
| Met
het klimmen der jaren neemt ook zijn productietempo af. Wel maakt hij nog veel reizen (Italië, België, Oostenrijk, Duitsland en Frankrijk). Hij verhuist opnieuw en trekt in bij zijn dochter Marie Alexandre. Hij koopt een oud theater en laat daar zijn eigen stukken spelen. Maar Parijs heeft een nieuwe passie, operettes van Offenbach en Hervé, cabaret en Bals Masqués zijn nu de trend. In de literatuur maakt het realisme opgang. Hij wijkt met de voorstellingen uit naar de provincie, waar zijn toneelgezelschap Troup Dramatique d'Alexandre Dumas nog wel bijval oogst, maar met de grote roem is het gedaan. De latere romans ontberen de vlammende energie die zijn vroegere meesterwerken zo zeer kenmerkte. Parisiens et Provincaux uit 1868 wordt de laatste hoeksteen van zijn monumentale bouwwerk novellen en romans. Dumas was een culinair liefhebber en zelf een virtuoos kok: 'Ik wil mijn literaire werk van vijfhonderd boekdelen afsluiten met tenminste één kookboek' heeft hij vaak gezegd. Dit voornemen krijgt vlak voor zijn dood gestalte in Le Grand Dictionaire de Cuisine, een kolossaal werk vol bizarre recepten en merkwaardige geschiedenissen. De laatste maanden van zijn leven |
||||||||||||||||
literaire kritiek
|
|
|||||||||||||||
verspreiding |
Inleiding
|
Dumas was niet alleen in Frankrijk zeer geliefd maar ook in het buitenland. Velen van zijn romans werden kort na het verschijnen vertaald en beleefde internationale successen. Een aantal van zijn beroemdste werken worden nu al meer dan 150 jaar over de hele wereld steeds weer opnieuw uitgegeven. Naast uiteraard in Frankrijk, werd ook in het Duitse en Angelsaksische taalgebied het complete werk van Dumas in de negentiende eeuw meerdere malen uitgegeven. In vele talen verschijnen met regelmaat nieuwe uitgaven. Op dit moment zijn enige tientallen titels in het Duits en Engels verkrijgbaar. In vergelijking daarmee is de verspreiding in het Nederlands minder groots verlopen. Dumas dankt zijn huidige bekendheid in Nederland voornamelijk aan een handje vol bestsellers, waarvan de bekendste wel zijn: -De Drie Musketiers -De Graaf de .Monte-Cristo -De zwarte tulp -De Parijse .Bloedbruiloft Toch zijn ook hier - voornamelijk in de 19de eeuw - meer dan 80 verschillende titels uitgebracht. Een feit dat in het hedendaagse Nederland in de vergetelheid is geraakt. |
||||||||||||||
![]() |
|
|||||||||||||||
.......geraadpleegde literatuur: |
Inleiding
|
|||||||||||||||