colofon...............................onderzoekpublicaties
         

 


academiegebouw te harderwijk en universiteitszegel

colofon


In 1647 namen Provinciale Staten van Gelderland het besluit om de Latijnse School te Harderwijk te verheffen tot universiteit. De Universiteit van Harderwijk, ook wel Gelderse Academie genaamd, werd in 1811 ten tijde van de Franse bezetting bij Koninklijk Besluit door Lodewijk Napoleon weer opgeheven.



In 1946 - ruim driehonderd jaar na het Hardewijkse avontuur - besluiten Provinciale Staten van Gelderland om de wetenschap nieuw leven in te blazen door de oprichting van een onderzoeksinstituut, de Stichting Economisch Technologisch Instituut voor Gelderland (ETIG). Het instituut wordt gehuisvest op de zolder van de statige villa Huize Angerenstein in het gelijknamige park aan de rand van Arnhem. In 1958 verhuist het instituut naar het centrum van de stad, op een steenworp afstand van het Provinciehuis. In 1986 worden de banden nog nauwer aangehaald en wordt het instituut - met behoud van de wetenschappelijke onafhankelijkheid - ge´ntegreerd in het provincieapparaat onder de nieuwe naam Bureau Economisch Onderzoek (BEO).

Het Bureau houdt zich sindsdien ten Provinciehuize bezig met de oorspronkelijke doelstelling: gegevensverzameling, analyse, toekomstverkenningen en monitoring van de sociaal-economische situatie in Gelderland, verricht toegepast wetenschappelijk onderzoek en genereert de fundamentele kennis die nodig is voor de politieke visievorming, de beleidsontwikkeling en de uitvoering van al het provinciale beleid met een ruimtelijk-economische component.


Huize Angerenstein in het gelijknamige park te Arnhem, eerste vestigingsplaats van het ETIG in de jaren 1946-1957 gebouw van de Bondsspaarbank op het Gele Rijdersplein alwaar het ETIG op de tweede etage kantoor hield van
1958 tot 1986
Huis der Provincie, laatste rustplaats van het Bureau Economisch Onderzoek van
1986 tot heden

De historie van de onderzoekinstituties die in de loop der eeuwen op last van de Gelderse Staten zijn ingesteld, is nauw verweven met mijn eigen geschiedenis. Het begint in een grijs verleden als in 1682 een ver familielid - Cornelis Mathias Walsweer - te Harderwijk promoveert, maar met Huize Angerenstein komen wij al dichter bij huis. Ik ben opgegroeid tegenover park Angerenstein en was als kleuter dagelijks te vinden bij de vijvers van de oude villa. Het kan niet anders of ik moet gezien hebben hoe een paar van mijn latere collega's met ernstig gelaat de ingang hebben betreden teneinde tweehoog op zolder hun zwaarwichtige werkzaamheden te hervatten. Waarschijnlijk hebben zij van hun kant een irritant kereltje opgemerkt dat met veel lawaai de rust rondom de burelen verstoorde. Maar het is geen haatdragend volkje gebleken want het heeft niet verhinderd dat ik later zelf als wetenschappelijk medewerker aan het instituut verbonden raakte en uiteindelijk meeverhuisde naar het Huis der Provincie.

Alles bijelkaar ben ik 40 jaar als onderzoeker werkzaam geweest. De publicaties uit de ETIG-tijd worden tot mijn grote geruststelling zorgvuldig voor de eeuwigheid bewaard door het Gelders Archief. Over de vraag hoe dat op termijn zal gaan met de publicaties die onder provinciale vlag zijn uitgebracht, ben ik minder gerust. Nu al zijn tamelijk recente rapporten niet meer te vinden. Daarom heb ik het heft maar in eigen hand genomen en de vruchten van mijn arbeid - voorzover ik ze nog heb kunnen achterhalen - op internet gezet. Ik verneem regelmatig uit de media de klaagzang dat zaken die eenmaal op internet staan nooit meer verwijderd kunnen worden. Kijk, dat is bemoedigend.


Menno Walsweer.